Middeleeuws Vlechtwerk

Jan Willemsz van der Heck

Vader: Willem Laurensz van der Heck
Moeder: Maria Jansdr
  • grutter, poorter van Beverwijk

In Wijk aan Duin in 1638 bekennen Louweris Aerijaensz, molenaar binnen de stede Beverwijk, en Jan Willemsz de grutter, mede poorter van Beverwijk, dat hun verleend is de gerechtigheid van de wind van een volmolentje in Wijk aan Duin op zeker stuk hoog land toebehorende het gasthuis van Beverwijk, belend ten oosten de Groenelaen, ten zuiden de Naerderwech, ten westen de driesprong genaamd de Ses Weghen, ten noorden de wagenweg, onder de huur van 24 gld jaarlijks, aan de Grafelijkheid voor erfpacht jaarlijks 3 gld, en verkoopt Louweris Aerijaensz, molenaar te Beverwijk, aan Jan Willemsz van der Heck, nu wonende in de banne van Wijk aan Duin bij de volmolen, de halve volmolen staande op het Gasthuijslant waarvan de voornoemde Jan Willemsz van der Heck de wederhelft toebehoort, voor 1800 gld, te betalen de helft gereed, de wederhelft mei eerstkomende 1639 [228].
In Beverwijk verkoopt in 1639 Jan Willemsz, wonende bij de volmolen in Wijk aan Duin, aan Coenraet Claes van Iperen een huis, kamer en erf op de Meyr, strekkende tot achter de Achterwech, belend ten zuiden de Brandsteech, ten noorden de koper [229].
In Wijk aan Duin in 1639 verkoopt Jan Willemsz van der Heck wonende in de banne van Wijk aan Duin aan Willem Louwerisz van der [eerst stond er "vant"] Heck, zijn vader, de helft van de volmolen op het gasthuisland, voor 800 gld, en verkopen de curateuren van de desolate boedel van Jan Willemsz, anders genaamd Jan de grutter, aan Sr Pieter Grint en Claes Pietersz van Opmeer, beiden wonende te Leiden, mitsgaders Lauweris Aeryaensz, molenaar van de korenmolen te Beverwijk, elk voor 1/3, de helft van de volmolen met de helft van de opstal van het huis en de shuur, de voorschreven Jan Willemsz toebehoord hebbende, voor 1160 gld, ten betalen 1/3 gereed tot 387 gld, zo ook 2 februari 1640 en 2 februari 1641 [230].
In Wijk aan Duin op 13 november 1639 zijn de curateuren over de boedel van Jan Willemsz van der Heck eisers contra de crediteuren van Jan Willemsz van der Heck, gorter, nl. Louweris Aeryaenszz, molenaar van de korenmolen te Beverwijk, voor een custingbrief van 1120 gld, Pieter en Jan van Dijck voor 5 gld 17 st gemene-landsmiddelen, Trijntge Cornelis, steenkoopster, voor 103 gld 11 st geleverde materialen en 29 gld 15 st gehaalde bieren, is Willem Louwerisz wonende op de Maedtwech in de banne van Heemskerk eiser contra de andere crediteuren van Jan Willemsz van der Heck, nl. Maritgen Cornelisdr weduwe van Gerrits Jansz hoefsmid in de Beverwijk, Arent Pietersz bode voor 10 st 8 penn vanwege schutten, Jan Jansz Blommen en Jan Fransen, collecteuren van de verponding, voor 12 gld 15 st, Willempge Aeryans weduwe van Dirck Willemsz van Toorn voor 73 gld 11 st, is op 22 januari 1640 Jan Willemsz Gorter fugitief, en is er op 12 februari 1640 deling onder de crediteuren van Jan Willemsz van der Heck (die woonde in een volmolen, huizinge en schuur) [231].

permalink: https://www.wilschut.nl/gdp/index.php/pers/get/1-28257 
Kopieer permalink
Gekopieerd!

PHP uitvoer: GensDataPro 3.0.7